Beugelen.

Het beugelen wordt gespeeld op een baan met lemen ondergrond en een afmeting van ± 10 x 5 meter. Een ijzeren ring, de beugel, staat op ± 7 meter van de onderkant van de baan. De bedoeling van het spel is om de bol (ruim 4 kg in gewicht) met een houten schopje door de beugel te spelen. Er wordt individueel gespeeld of twee tegen twee. Elke speler speelt met twee bollen, zodat er totaal 4 bollen in het spel zijn. Alle bollen worden door de respectievelijke spelers om en om gespeeld. Punten worden gescoord door de bal door de poort te spelen of de bal van de tegenstander aan de korte kant, het verst van de beugel, uit de baan te spelen. Beide levert 2 punten op. Wie het eerste een totaalscore van 30 punten heeft behaald is de winnaar. De Nederlandse Beugelbond organiseert een beugelcompetitie voor ploegen van vijf spelers.

De sport vereist geen specifieke krachttraining. Tactisch spelinzicht en spelvaardigheid zijn de belangrijkste criteria. Het spel kan gespeeld worden door jong en oud en door mannen en vrouwen.